Foto: Martijn Kraan

Column Ulevel: Schoonmaak

  Nieuwsflits

Het is lente. De winter gaat naar de knoppen en de natuur wordt razendsnel rooskleurig. Tijd voor de grote schoonmaak, zou je zeggen, maar dat is niet meer van deze tijd. Dat heeft de uitslag van de verkiezingen weer eens bewezen. Er is niet met een harde bezem door het zittend parlementair meubilair geveegd. De kansen zijn niet gekeerd. Geen nieuw behang. De oppositie is erachter geplakt. Wel zijn veel meer zetels opnieuw bekleed met stof tot nadenken.

De grote voorjaarsschoonmaak is van mijn jeugd. Iedereen deed er aan mee. Nou ja, de huisvrouwen. Als kind werd je van huis verbannen en verplicht voor en na schooltijd buiten te spelen. Dat was geen straf, vooral niet omdat ook al je buurtkinderen tot hetzelfde waren veroordeeld en op straat ronddoolden. De schoonmaakactie was werk in uitvoering van een nieuw begin. Voor een frisse start moest alles een grote kuisbeurt krijgen. Het vloerkleed ging over de waslijn en kreeg er flink van langs met de mattenklopper, evenals de gordijnen, de inwonende grootouders en de matrassen. Potten, pannen, koppen, schotels en glazen werden uit de kasten gehaald en de planken kregen nieuw kastpapier. De buitenkant werd dik in de boenwas gezet.

De schoonmaak wordt in deze tijd niet meer door de huisvrouw gedaan, maar door de man des huizes. Het betreft uitsluitend de barbecue, het domein van de huisvader. In de beperking toont zich de meester. De worstenkoning van de familie kan niet wachten om vuurtje te stoken, maar eerst moet het vet van vorig jaar en de roest van de winter van het rooster gekrabd. Geen stamppot meer, maar vuurpot. Op zijn verjaardag heeft hij van zijn partner een nieuw leren schort gekregen met lekker veel zakken voor tangen en frivole opdruk ‘Eat my meat’ en zijn voornaam. Dat wordt weer gezellig. Maar met z’n hoevelen mogen we deze zomer rond het krampvuur? En mogen de lege bierflesjes en aangebrande worsten nog gewoon over de schutting gekeild?

De temperatuur kleurt een blos op de wangen. De dikke truien en gewatteerde jacks met bontkraag kunnen in de mottenballen. Het wordt zonder-jas-weer. De klok zit op slot, maar mag komende zondag kort op een kier voor een uur vooruit. Het is langer licht om de veranderingen te aanschouwen. De natuur gaat routineus haar gang volgens de jaargetijden. Die tijd staat niet stil. Elk voorjaar weer steekt het nieuws de kop op. In glimmende mannenschedels spiegelen de kale boomtakken waaraan de eerste schuchtere groene blaadjes en bloesem verschijnen. Jonge dieren dartelen in wei, stal en hok. De trekvogels keren terug van het zuiden. Mensen hebben trek in terras. Vooral de horecaondernemers.

Zij hebben de afgelopen tijd gebruikt voor een grote schoonmaak van hun eettablissement. De terrastent is al maanden geleden besteld. De indeling is gemaakt. Het is wachten op betere tijden. Is het Wachten op Godot?

Ik word wakker door uitbundig gefluit van vogels. Er vliegt een duif met een tak in de bek tegen het raam. Het is lente.

Meer berichten