<p><br>Marco te Br&ouml;mmelstroet. (Foto en illustratie: De Correspondent)</p>


Marco te Brömmelstroet. (Foto en illustratie: De Correspondent)

(Foto: )

Boek helpt Te Brömmelstroet bij missie

  Nieuwsflits

Ulft - Een dramatisch ongeval met de dodelijke afloop in Ulft deze week dertig jaar geleden (3 oktober 1990) bepaalde voor een deel het leven van oud-Ulftenaar Marco te Brömmelstroet. 

door Remko Alberink

Hij was destijds getuige van hoe een auto zijn kamerdaadje Dion schepte, waardoor deze overleed, slechts 9 jaar oud. Het verkeer heeft van jongsaf zijn aandacht, en als ‘fietsprofessor van Nederland’ hoopt Te Brömmelstroet, die 150.000 volgers op LinkedIn, Facebook en Twitter heeft, te beïnvloeden. Met De Correspondent-journalist Thalia Verkade schreef hij het boek ‘Het recht van de snelste’ met als ondertitel: Hoe ons verkeer steeds asocialer werd. Een boek als aanklacht en ter motivatie. De straat is steeds minder onderdeel van het sociaal domein van bewoners, en ligt er enkel in dienst van voortrazend verkeer. Het boek is een pleidooi tot nadenken, want de strijd is nog niet verloren, betoogt de geboren Achterhoeker.

Oud-Ulftenaar Marco te Brömmelstroet is planoloog, universitair hoofddocent en directeur van het Urban Cycling Institute van de Universiteit van Amsterdam. Hij verdiept zich in de cohesie tussen samenleving en mobiliteit, met de stad vaak als schurend scharnierpunt waar beiden vechten om pole-position. In gesprek met Te Brömmelstoet, die leergierig, nieuwsgierig, behulpzaam is, en een beetje naiëf, verlangend naar noaberschap in het verkeer.

Waarom dit boek? “Dit boek is er gekomen omdat Thalia zo vasthoudend was. Het is een pleidooi dat oproept tot actie. Wat dat betreft is de aanzet gegeven. 4.000 mensen hebben reeds op geefdestraatterug.nl aangegeven iets in hun straat te willen veranderen.”

Had je dit eerder willen schrijven? “Nou, naast de vasthoudendheid van Thalia was ik het zat om als fietsprofessor dagelijks door kranten en radiostations te worden gebeld voor een mening. Het eerste gesprek met Thalia was erg bijzonder, daarna werd ze radicaler dan ik en keek ze met terugwerkende kracht met een vreemd gevoel naar de periode dat ze over elektrische auto’s schreef.”

Kort gezegd, in het boek vecht jij voor een andere balans op de straat tussen mobiliteit en het sociale domein voor bewoners? “Ik probeer mensen in de actie-stand te krijgen. Zoals het nu is, heeft de mobiliteit gewonnen en heeft het door de jaren heen een monopolie-positie op straat gekregen. Dat is het gevolg van de introductie van de auto in de vorige eeuw.”


Bereikt het boek zijn doel? “Ons doel is om ook mensen buiten het verkeerswereldje te bereiken, dus naast de verkeersdeskundigen in Nederland. Dat is nog niet voor 100 procent gelukt.”

Hoe kwam de titel tot stand? “We hebben wel tachtig titels de revue laten passeren. We zochten een titel voor het boek dat symbool staat voor wie het recht op straat heeft. Daarnaast is de straat een tastbaar object voor iedereen, vandaar het recht van de snelste.”


Je ging van Ulft naar Amsterdam, toen naar Ede. Daar schrok je, waarom? “We wonen in een nieuwbouwwijk, zo een met iedereen een schuttinkje. De openbare ruimte is er enkel voor verkeer, het was naïef van mij om te denken dat dit anders was. Voordeel van Ede is wel dat je het verschil kan maken. In Ede zit je snel met de wethouder om tafel, dat lukt in Amsterdam niet.”


Loopt de verandering van het gebruik van de straat parallel met de verandering van de samenleving? “Zou kunnen, als wij in onze straat in Ede een ooievaar zetten ter ere van een geboren baby, kijken de mensen je onbegrijpend aan. Dat is in de Achterhoek wel anders, daar hoef je dat vanwege het naoberschap niet uit te leggen.”


Wat doe jij zelf? ‘Ik sta elke ochtend als erkend verkeersbrigadier bij school aan de straat en merk dat je lokaal wél het verschil kunt maken. Bijvoorbeeld door scholen erop te wijzen dat ze ouders kunnen oproepen om kinderen niet met de auto naar school te brengen. Het zijn keuzes die mensen maken. Ik ben een activist: als je iets wil, dan kun je het. Dat blijkt ook in het boek.”


Je bent de fietsprofessor van Nederland, sta je dan wel objectief tegen dit mobiliteitsvraagstuk, waarbij de autobezitters toch als een van de grote boosdoeners gezien kan worden ? “Goede vraag, ik denk het wel. Er zijn namelijk meerdere manieren om het doel te bereiken. Daarnaast gebruik ik die kreet vooral om iets te bereiken. Ik heb veel volgers, buit de term fietsprofessor uit.”


Het ongeval van Dion, jij was daarbij. Hoe lang heb je het onbesproken gelaten? “Ik heb daar 28 jaar niet over kunnen praten. Na verloop van mijn gesprekken met Thalia besloot ik haar het te vertellen. Pas sinds twee jaar kan ik het er nu ook echt over hebben, dat heeft heel lang geduurd.”

Het lijkt een opluchting voor je? “Nu kan ik er ook over praten tijdens de presentaties die ik geef.”

Het opent oude wonden? “Dat klopt, zo heb ik ook contact met de bestuurster van destijds. Haar leven is vernield en dit boek doet de tijd van toen herleven. We zullen ook onder begeleiding met elkaar in gesprek gaan.”

Wat doe je naast je normale werk aan de universiteit? “Ik geef onder meer masterclasses aan verkeersdeskundigen en geef ook veel lezingen, een stukje nazorg voor de mensen die het boek hebben gelezen.”


Vanwaar die onaflatende inzet voor een veiliger verkeersomgeving? “Sinds 1990 zijn er 20.000 verkeersslachtoffers gevallen, dat zijn er twee per dag. Dat betekent dat het leven van zoveel mensen wordt verwoest.”

Welke wens heb je tenslotte? “Ik zou graag kijken over hoe er op de Mariaschool wordt teruggedacht aan het ongeval, of bij SDOUC. Die straat daar leent zich niet voor 50 kilometer per uur als snelheidslimiet, dat is te hard. Sinds de presentatie van het boek heb ik ook contact met oud-klasgenoten die me vertellen wat dat ongeluk met hen gedaan heeft. Ik kon tijden niet langs de plaats van het ongeval rijden en zou graag in Ulft een bijeenkomst houden en praten over wat mensen er kunnen doen om de straat terug te krijgen.”


Moeder Rita is blij met boek

Rita le Comte, de moeder van de overleden Dion, is blij met het boek van Marco te Brömmelstroet. “Ik ben ook blij dat Marco na 28 jaar over het ongeval kon praten. Ons eerste gesprek voerden we in maart 2019, een heel goed gesprek. Daarin kwam veel naar boven. Zo dacht Marco dat wij boos op hem waren, maar dat was zeker niet het geval. Er werden vragen beantwoord. Dat was confronterend, maar hielp ons wel.”
Ze hoopt dat het boek een succes wordt. “Het draagt bij aan de verkeersveiligheid op straat. Het is niet toevallig dat Marco zo in de verkeerswereld terecht is gekomen.”

Het boek ‘Het recht van de snelste’ (ISBN 9789083000718) van Thalia Verkade en Marco te Brömmelstroet is verkrijgbaar bij de lokale boekhandel.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden