Foto: Martijn Kraan

Column Ulevel: Haar

Laat ik het eens over haar hebben. Niet haar van hem of haar, maar haar van hoofd. Ik heb er veel van. Meer dan de gemiddelde man van mijn leeftijd. Bijna al net zoveel als in mijn pubertijd. En het groeit maar door. Dat veel heeft dus te maken met de lengte. Niet met het aantal haren. Dat heb ik nooit geteld en daar begin ik ook niet aan.


Het begint op te vallen in mijn omgeving. Vooral in een tijd waarin veel mannen haarloos, kaal dus, door het leven gaan. Vaak begint het bij de kruin en dijt snel uit. Er rest dan nog haar aan de zijkanten en achterkant, de zogenaamde kale keppel. Om rigoureuze haaruitval te compenseren is hun opvatting dan maar helemaal kaal. Het mes gaat over het hoofddeksel. Dan valt de kaalslag niet zo op. De glimmende schedel is al jaren in de massa te zien en niemand kijkt meer op van dat uithangbord van lichamelijk verval. Als je dus het tegenovergestelde toont word je bekeken in deze tijd. Je wordt er op aangesproken door jeugdigen met een kaarsrechte scheiding en opgeschoren nekken. Niet door de kalen. Die zijn stikjaloers en beginnen er dan ook liever niet over. De opmerkingen laat ik aan mij voorbij gaan. Discussie is pure haarkloverij.

'Liever langharig dan kortzichtig' was het ultieme antwoord op kritiek. Dat was in de jaren zestig van de vorige eeuw toen in navolging van The Beatles de jongens het haar liet groeien. Mijn vader vond het maar niks en dreigde mij uit huis te schoppen als ik niet naar de kapper ging. Kort Amerikaans was zijn favoriete haardracht. Mijn moeder daarentegen vond het mooi en toupeerde het zelfs. Er was één kapper in de stad, die zich razendsnel had aangepast aan de nieuwe orde. Hij zette niet rigoureus het mes in de haardos, maar luisterde naar de klant en had begrip voor de smaak van de jongeren. Hij liet het over de oren. Hij maakte al snel furore in de stad en werd de 'Beatle-kapper' genoemd. Zijn faam sprak zich rond langs de grachten en zijn klandizie groeide onstuimig. Door collega's werd er eerst lacherig over gedaan, maar hij vond alras navolging. Zo werkt dat ook.

Ben ik bang voor de kapper? Is het een statement? Wil ik mijn tegendraadsheid laten zien? Ben ik een haar beter? Zeker niet! Het is gewoon omdat ik zo'n retro coupe weer lekker vind. En omdat ik daarover met niemand iets te maken heb. Geen sores aan mijn hoofd. Wel haar!

Ben ik ooit kaal geweest? Zeker wel. Dat had met een weddenschap te maken. Het Nederlands voetbalelftal verloor en ik in het verlengde ook. Op het biljart van de kroeg werd ik onder veel gejuich van de aanwezigen in oranje outfit kaal geschoren. Dat ging bepaald niet zachtzinnig en de tondeuse ging van hand naar hand. In de spiegel leek ik gescalpeerd. Op straat vroeg men bezorgd of ik ziek was. Ik weet ook nog dat het verdomd lang leek te duren voordat ik in mijn ogen weer enigszins ooglijk was. Ik ben haar er niet door verloren.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden