Burgemeester Otwin van Dijk. (foto: Roel Kleinpenning)
Burgemeester Otwin van Dijk. (foto: Roel Kleinpenning) (Foto: Roel Kleinpenning)

'Vier vrijheden: Onthoud dat. Werk daaraan. Gezamenlijk. Elke dag opnieuw'

Etten - Burgemeester Otwin van Dijk benadrukte in zijn nieuwjaarsspeech het belang van de vier vrijheden. In zaal Köster in Etten sprak de burgervader de aanwezigen toe nadat hij, samen met de overige leden van het college, de bezoekers een gelukkig nieuwjaar had gewenst.

Hieronder de integrale toespraak van Van Dijk.

Beste inwoners, beste relaties, beste mensen,

allemaal van harte welkom op de nieuwjaarsreceptie van de gemeente Oude IJsselstreek. Het is een mooie traditie om elkaar zo aan het begin van het nieuwe jaar alle goeds toe te wensen. Laat ik daar dan ook gelijk mee beginnen. Ik wens u allen een heel mooi, gezond en liefdevol 2020 toe! Een nieuw decennium is aangebroken. De jaren twintig. Dat klinkt best goed, vindt u ook niet? Ik hoop dat 2020 een optimistisch jaar wordt. Vol met goede momenten. Een jaar waarop we volgend jaar rond deze tijd terugkijken met een fijn gevoel. Een jaar waarin we ook veel mooie herinneringen creëren. 
 
Over herinneren én herdenken gesproken... Het is dit jaar 75 jaar geleden dat er een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog. Dat wordt uiteraard groots herdacht en gevierd. Zo heeft het Ettens Mannenkoor het initiatief genomen voor een spectaculaire openluchtherdenking in juni dit jaar. Met acteurs in oude Canadese en Duitse uniformen, muziek en zelfs échte tanks en vliegtuigen uit de oorlogsperiode. We hebben daar twee maanden geleden een voorproefje van gezien op het dorpsplein in Etten. Heel indrukwekkend! Dat wordt dus echt iets bijzonders. Bovendien doet bijna het hele dorp mee. Niet voor niets zijn we dit jaar dan ook in Etten met onze nieuwjaarsreceptie. Sinds vorig jaar rouleren we de nieuwjaarsreceptie van de gemeente over onze verschillende kernen. Vorig jaar waren we in Terborg. Dat stond helemaal in het teken van 600 jaar stadsrechten. Het was trouwens een geweldig jaar met veel activiteiten voor álle inwoners. Dit jaar in Etten is het thema: 75 jaar vrijheid. Ook tijdens deze speech wil ik daarbij stilstaan. Ik heb m'n toespraak de titel 'vier vrijheden 'gegeven. Vier in de zin van 'vieren', maar ook 'vier 'als getal. Ik kom daar zo op terug. 
 
Ik begin bij mij thuis. Aan de Brokkenstraat 2 in Breedenbroek. Dat is het huis waar ik woon. Samen met Karin. En wat beesten eromheen natuurlijk. Het is een monumentale oude boerderij in het buitengebied. We wonen er nu dik twee jaar met veel plezier. De boerderij zélf is ruim tweehonderd jaar oud. Een huis met een flink portie geschiedenis dus. Toen wij de woning kochten, zetten we vol trots een foto op Facebook. Want het is voor ons allebei een droom die uitkwam om in een stijlvolle boerderij met ruimte om je heen te kunnen wonen. Een dag na mijn Facebookbericht kreeg ik een reactie. Uit Canada. In het Engels. Van de familie Spier. Ze vertelden een bijzonder verhaal. Een verhaal dat mij tot op de dag van vandaag bezighoudt en wat ik graag met u wil delen. 
 
De familie Spier heeft tijdens de Tweede Wereldoorlog ondergedoken gezeten op de zolder van onze boerderij. De reactie op mijn Facebookbericht was van de nazaten. Inmiddels kleinkinderen, mijn generatiegenoten. Dit pijnlijke deel van hun familiegeschiedenis werd steeds doorgeven. Van generatie op generatie. Als waarschuwing voor de moderne tijd. Vijf Joodse mensen zaten lange tijd in een afgetimmerd gedeelte van de zolder. Onttrokken aan het zicht van anderen. Persoonlijk ben ik altijd erg geïnteresseerd in geschiedenis. Zeker vanuit het perspectief van 'gewone mensen'. Hoe was het leven voor de mensen die niet de geschiedenisboeken halen? De meeste mensen dus. Met veel interesse lees ik dan ook het bericht van de familie Spier. Ze vertelden over een verborgen trap om op zolder te komen. In onze huidige logeerkamer zit nog steeds een ingebouwde kast. Daar stond vroeger een trap naar zolder. Het was een geheime opgang. In ons huis bevindt zich dus eigenlijk ook een soort 'Anne Frank's Achterhuis'. 
 
Een van de Joodse onderduikers was chronisch ziek. De huisarts moest dan ook regelmatig langskomen. Maar hoe voorkom je dat eventuele verraders argwaan krijgen? Als de onderduikers ontdekt zouden worden, betekende dat immers een zekere dood voor de onderduikers en het boerenechtpaar. Het boerenstel had daar wat op gevonden. De boerin zwachtelde haar benen met verband. Het verhaal werd vervolgens de wereld in geslingerd dat zij wat mankeerde. Logisch toch dat de huisarts dan regelmatig langskwam? Alleen de boer en boerin, en de huisarts wisten van de Joodse onderduikers op zolder. Het echtpaar betaalde de huisarts met eten. Dat werd weer doorgegeven aan andere mensen in de buurt die honger hadden. Het leven op zolder was geen pretje. De spanning was groot en regelmatig waren er onderlinge ruzies tussen de onderduikers. De huisarts kwam die vervolgens sussen. Best begrijpelijk, die spanningen. Je bent je leven niet zeker. Je leeft in een kleine ruimte, dicht op elkaar gepakt. En je weet niet hoelang het allemaal gaat duren. Die onzekerheid maakt je gek. Alleen als het pikdonker was mocht je 's avonds even het veld in. 
 
Na de oorlog gingen de zwachtels van de benen van de boerin en werd voor de buurt duidelijk dat zij helemaal niet ziek was, maar dat er vijf onderduikers op zolder hadden gezeten. Dankzij het heldhaftige optreden van het boerenechtpaar en de huisarts hebben alle vijf de onderduikers het overleefd. Een aantal van hen emigreerde na de oorlog naar Canada. De familie Spier leeft verder. Zoveel andere Joodse families helaas niet. Het grootste deel van de Joodse inwoners in Nederland was weg. Vermoord. Met een bijzonder kunstwerk van Daan Rozengaarde: Levenslicht — dat zijn lichtgevende stenen op allerlei plekken waar voor de Tweede Wereldoorlog Joodse mensen woonden — staan we daar dit jaar in heel Nederland bij stil. Ook in onze gemeente. Over enkele weken onthullen we dat monument in Terborg. 
 
Elke keer als ik op onze logeerkamer ben en naar de ingebouwde kast staar, denk ik aan dit verhaal. En word ik even stil. Alsof ik word meegezogen, terug in de tijd. Ik voel bewondering voor het boerenechtpaar. Trots dat ik nu in hún huis mag wonen. Een huis dat ook aan de buitenkant is getekend door de oorlog. Zo is een deel van het kozijn van één van de ramen door een granaatscherf beschadigd. Dat hebben we bewust niet laten repareren en zo gelaten. Als symbool. Maar ik voel ook afschuw over wat mensen elkaar kunnen aandoen. Hoe is het in godsnaam mogelijk dat mensen elkaar kunnen veroordelen louter vanwege hun geloof of afkomst? Zonder dat je écht weet wie die ander is. Waar komt die — letterlijk — 'blinde' haat toch vandaan? 
 
Ik stel me dan Nazi's voor die aan een vergadertafel zakelijk met elkaar bespreken hoe je Joden, homoseksuelen en gehandicapten zo efficiënt mogelijk kunt vermoorden. Spoorlijnen werden er voor aangelegd. Kampen ingericht. Ik stel me de NSB-ers voor die hier achteraan holden. Zich mee lieten zwepen door Nazi-retoriek. Waarom? Ik stel me voor hoe gewone Nederlanders probeerden te overleven. Misschien wel wat wílden doen, maar niet durfden. Je hebt misschien een gezin en kinderen. Daar ben je toch óók verantwoordelijk voor? Je zag ondertussen dat je Joodse collega's afgevoerd werden. Synagogen in brand gestoken. Verzetsmensen openlijk geliquideerd. Op straat. Zodat iedereen kon zien wat er gebeurt als je je verzet. Wat doet deze waanzin met je? Word je daar opstandig van of juist misschien wel heel apathisch? 
 
De Tweede Wereldoorlog is een van de meest duistere periodes uit de Europese geschiedenis. Dat laat het verhaal van de familie Spier wel zien. Bittere jaren van oorlog en onderdrukking eisten hun tol. Europa lag letterlijk in puin. Miljoenen mensen waren om het leven gekomen. En bovenal was de vraag: Hoe kon dit gebeuren? Waar kwam deze complete waanzin vandaan? En nee, het is niet alleen de schuld van één gestoorde leider. Of zijn partij. Mensen liepen massaal achter de boodschap van haat, intolerantie en nationalisme aan. Bij hén ligt minstens zo'n grote verantwoordelijkheid. Misschien wel de échte verantwoordelijkheid. Laat ik het zo zeggen: zonder volgers, géén leider. Hitler, Mussolini en Mussert zouden zonder volgers gewoon als voetnoot de geschiedenis zijn ingegaan. Gestoorde gekken. Niet meer. Maar het liep anders. 
 
Hebben we er écht wat van geleerd? Dat lijkt me als je dit jaar stilstaat bij 75 jaar vrijheid in Europa een relevante vraag. Alhoewel ik van nature een rasoptimist ben, waag ik dat toch voorzichtig te betwijfelen. Tijdens de oorlog in Joegoslavië in de jaren negentig kwam het hele repertoire weer naar boven. Daders, slachtoffers en zelfverklaarde redders. Buren die decennia lang vreedzaam naast elkaar hadden gewoond, werden plotseling elkaars vijanden. Louter omdat de één Serviër was en de ander moslim. Opgezweepte haat door nationalistische leiders eiste wederom z'n tol. Jarenlange vriendschappen werden met één pennenstreek teniet gedaan. Srebrenica is misschien wel een duistere apocalyps die laat zien waartoe we nog steeds in staat zijn als mensen. 
 
Maar het kan ook anders. We kunnen de harde lessen van de Tweede Wereldoorlog ons indringend ter harte nemen. Als een soort 'resetknop'. Hierover nadenken en actie ondernemen gebeurde overigens al tijdens de Tweede Wereldoorlog zélf. De Amerikaanse president Roosevelt hield op 6 januari 1941 voor het Amerikaanse Congres zijn beroemde 'Four Freedoms Speech'. Vandaag is het toevallig óók 6 januari. En we schrijven 1941... De oorlog zou dus nog ruim vier jaar duren. Roosevelt dacht echter al na over de wereld ná de oorlog: een andere, socialere en vrediger wereld.  Ik vind Roosevelt de allerbeste wereldleider die er ooit is geweest!  
 
Roosevelt beschreef in zijn speech vier vrijheden die cruciaal zijn voor alle mensen in de wereld. Het zijn ook deze vrijheden die later de basis voor de universele verklaring voor de rechten van de mens zouden vormen. Mede opgesteld trouwens door zijn vrouw Eleanor Roosevelt. Ik loop ze even kort met u langs. De eerste vrijheid is de vrijheid van spreken en van meningsuiting. Iedereen moet kunnen zeggen wat hij wil zonder daardoor in gevaar te komen. De tweede is de vrijheid van elk persoon om God te aanbidden op zijn eigen manier. Godsdienstvrijheid dus. Je mag geloven in de God die bij jou past. Welke religie dan ook. Of om ook niet te geloven als je dat liever wilt. De derde vrijheid is die van vrijwaring van gebrek. Mensen hebben recht op bestaanszekerheid. Het gaat onder andere om gezondheidszorg, werk en inkomen, en huisvesting. De vierde vrijheid is de vrijwaring van vrees. De vrijheid om zonder angst en in vrede te kunnen leven. Roosevelt zette in op ontwapening van agressieve landen en bedacht ook de Verenigde Naties die als vreedzaam overlegorgaan van alle landen én als wereld-politieagent moest gaan optreden. Al deze vier vrijheden zijn nog steeds hartstikke actueel! 
 
Roosevelt vond trouwens dat 'vrijwaring van gebrek 'misschien wel het fundament was van de andere drie vrijheden. Hij begreep dat je mensen bestaanszekerheid moet bieden om tot een stabiele samenleving te komen en introduceerde in Amerika zijn 'New Deal'. Allerlei regelingen die mensen werk en inkomen gaven, werden in vlot tempo geïntroduceerd. Als mensen worden aangetast in hun bestaanszekerheid, staan ze veel meer open voor dwaallichten met schijnoplossingen. Voor autoritaire leiders die de boel wel even fiksen. Je moet je bedenken dat vlak voor de Tweede Wereldoorlog de wereld geteisterd werd door een diepe economische crisis. Veel mensen waren werkloos. Gezinnen leefden in bittere armoede. Het was onzekerheid troef. Wat had je nog te verliezen? Als er dan iemand komt die je een gemakkelijke oplossing belooft, of op z'n minst een vijand aanwijst die verantwoordelijk zou zijn voor alle misère, waarom geef je die dan geen kans? En dat antisemitisme of die vreemdelingenhaat, dat zal wel niet zo'n vaart lopen toch? Wel dus, dat hebben we kunnen zien. Je moet altijd je ogen en oren openhouden voor vreemdelingenhaat en superioriteitswaan. 
 
De unieke combinatie van klassieke vrijheden en sociale rechtvaardigheid heeft iets krachtigs vind ik. Het brengt stabiliteit en vrede. Welvaart en vooruitgang. Het werd de filosofische grondslag voor de naoorlogse wereld. De Europese Unie werd opgericht, net als de Verenigde Naties en er kwam een verklaring voor de rechten van de mens. Met het Marshallplan werd er geïnvesteerd in economische en sociale vooruitgang. Nooit meer oorlog. Nooit meer gebrek. Dat was het devies. Een sterke rechtstaat met respect voor klassieke vrijheden en sociale grondrechten was daarvan de hoeksteen. Daarin is verankerd dat we allemaal gelijk zijn en vrije mensen. Of je nou man bent of vrouw, jong of oud, homo of hetero, blank of zwart, christen, jood, moslim of niet-gelovig, gehandicapt of juist heel hard kunt lopen... Het regelt onze grondrechten. En onze onafhankelijke rechtspraak en journalistiek. Het waren deze elementen die tijdens de Tweede Wereldoorlog totaal ontbraken.   Ik heb het al best vaak gezegd: onze rechtsstaat en vrijheden zijn helaas geen vanzelfsprekendheid. Overal om ons heen zie je dat die weer onder druk staan. Opnieuw. 75 jaar na de Tweede Wereldoorlog. In Rusland is twee weken geleden nog de belangrijkste Russische oppositieleider opgepakt en verdwenen. In Hongarije heeft Orban recent nog geregeld dat hij rechters die kritiek op hem hebben kan ontslaan. Om nog maar te zwijgen over wat er zelfs in de VS allemaal gebeurt. Maar ook in Nederland zie je bewegingen die niet zoveel op hebben met onze rechtstaat. Steeds zie je hetzelfde patroon. Er wordt een vijandbeeld gecreëerd. Vaak zijn dat buitenlanders of andersdenkenden. Kritische journalisten worden 'vijanden van het volk 'genoemd en zouden moeten worden ontslagen. Onafhankelijke rechtspraak wordt het liefst de nek omgedraaid. Want 'de wil van het volk 'moet worden geaccepteerd. Is dat uw wil? Die van mij? Nee, de wil die vertolkt wordt door de zelfverklaarde redder met messiaanse trekjes. Geen fraaie vertoning allemaal. Het laat zien dat we onze 'vier vrijheden', onze democratie en onze rechtsstaat moeten blijven beschermen.   Dát is wat mij betreft de les van de Tweede Wereldoorlog. Dat we niet wegkijken als lieden opstaan en zichzelf bestempelen als redder en anderen als 'de vijand'. Dat we niet wegduiken. Onderduiken op de verkeerde manier. Maar dat we in verzet komen tegen onrecht, discriminatie en onverdraagzaamheid. Weet u nog? Zonder volgers, geen leiders! Op u en mij rust een grote historische verantwoordelijkheid. Wij zijn de ruggengraat van een vrije en open samenleving. Zonder discriminatie en haat. Gekke leiders heb je altijd wel. Maar een volk kan zwak zijn. Verongelijkt. Vatbaar voor haat. Dan gaat het mis. Daarom is het belangrijk dat we de verhalen door blijven geven. Zoals het verhaal van de familie Spier. Zoals de vele indringende verhalen die we dit jaar zullen horen tijdens het herdenken van 75 jaar vrijheid. Verhalen van 'gewone mensen'. Die soms tot ongewone dingen in staat zijn. Zoals het redden van vijf onderduikers. 
 
We moeten ons bovendien blijven inspannen voor behoud van de de 'Four Freedoms 'die Roosevelt tijdens de Oorlog beschreef: de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van godsdienst, maar ook de vrijwaring van gebrek en vrijwaring van angst. Want ook nu zie je dat veel mensen zich opnieuw bedreigd voelen in hun bestaanszekerheid. De open grenzen heeft ons veel welvaart gebracht, maar ook oneerlijke concurrentie over de rug van werknemers met de laagstbetaalde banen. De doorgeslagen flexibiliteit op de arbeidsmarkt maakt dat veel mensen niet langer verzekerd zijn tegen ziekte of arbeidsongeschiktheid. De privatisering van veel publieke diensten roept ook de vraag op: wie gaat er eigenlijk over zaken die voor ons allemaal van belang zijn? Mensen worden bovendien soms ook echt in de steek gelaten door de overheid en de instanties die daarbij horen. Denk bijvoorbeeld aan de recente toestanden bij de Belastingdienst. Maar ook dichterbij, hoe mensen met een bijstandsuitkering door onze regionale sociale dienst werden bejegend. 
 
Wat gebeurt er als mensen zich onzeker of in de steek gelaten voelen? Ik weet het niet. Maar op termijn ondermijnt dat het gevoel van rechtvaardigheid. Het is ongetwijfeld een van de redenen van de huidige maatschappelijke onvrede. Het geeft ons allemaal de opdracht om die broodnodige bestaanszekerheid zoveel mogelijk te waarborgen. Dat mensen op steun kunnen rekenen als ze ons nodig hebben. Als overheid. Maar ook als buren, familie en vrienden. Als samenleving. Ook dichtbij, bij ons in Oude IJsselstreek. Natuurlijk is het in het klein, maar het is ook de reden waarom onze gemeente het sociaal domein dit jaar anders gaat organiseren. Dichtbij mensen, vanuit vertrouwen, doen wat echt nodig is. Maar vooral vanuit het besef dat iedereen erbij hoort en zoveel mogelijk mee moet kunnen doen.   Terug naar de logeerkamer in mijn woonboerderij. Ik denk aan de ingebouwde kast waar ooit de trap naar zolder stond. Ik denk ook aan de vijf Joodse onderduikers. En stel mezelf de vraag: Wat zou ík doen? Zou ik ook de moed hebben gehad om net als het boerenechtpaar mijn zolder open te stellen voor onderduikers? Wetende dat als je ontdekt wordt, je dat met je leven bekoopt? Zou zoiets als de Tweede Wereldoorlog écht tot het verleden behoren en nooit meer mogelijk zijn? Ik hoop het van ganser harte. Laten we alles op alles zetten om haat, onverdraagzaamheid en intolerantie uit te bannen. Dat ligt grotendeels aan onszelf. Maar mocht het onverhoopt toch weer mis gaan, de ingebouwde kast in mijn boerderij, die is er nog. Ik hoef alleen maar opnieuw een trap te plaatsen. Dat hoop ik nóóit mee te maken...  Ik rond af. Vier vrijheden: vrije meningsuiting, godsdienstvrijheid, vrijwaring van gebrek en vrijwaring van angst. Onthoud dat. Werk daaraan. Gezamenlijk. Elke dag opnieuw. En vier vrijheid! Ik wens u een bijzonder goed 2020 en een nieuw decennium vol optimisme en vooruitgang. Dank u wel. 

Meer berichten