Foto: Martijn Kraan

Column Ulevel: Openlucht

Zomer is de tijd van vermaak in de openlucht. Als de eerste zonnestralen het wegdek verwarmen komen de daklozen te voorschijn. Sportwagentjes zonder dak tuffen over de wegen. Niet te snel, anders is de chauffeur niet te herkennen. Met vastgevroren grijns, kortzichtige zonnebril en buitenboord elleboog zitten ze te vernikkelen. Schone schijn zonder plafond.

Het is de tijd van de openluchtfestivals. Coverland bij de DRU was kleiner, niet verrassend en een herhaling van zetten. De meeste bands waren in voorgaande jaren al eens geweest. Maar niet zeuren, want bij een verzameling tributebands gaat het niet om de verrassing, maar juist om de herkenbaarheid. De DKLparty in de Silvoldse openlucht wil 65-plussers trekken met een voor die leeftijdsgroep aangepast programma-onderdeel. Deze mensen waren tieners toen de rockmuziek opkwam. Vreemd genoeg zien we bij dit soort senioreninitiatieven in de programmering uitsluitend blaaskapellen en schlagermuziek. Juist hier zou bijvoorbeeld een Beatles tribute niet misstaan.

Pinkpop, het bekendste festival, was voor de vijftigste keer. In mijn jeugd en de beginjaren van het festival was ik er al bij. Ik heb nog een foto van een langharige ik onder een zeil tegen de regen. Er is niet veel veranderd.

Rinkeldekinkel. Ik loop met mijn kop tegen een mobile van lepels. Aan een boom blijven hangen na een evenement, denk ik. Ook organisatoren van kunstmanifestaties zoeken steeds vaker de openlucht en de natuur als decor. Een opera in een steengroeve. Luistermuziek na de derde bramenstruik. Beeldende kunst op de wandelroute langs de slootkant. Een reuzegrote lijst, die het uitzicht omkaderd.


Creativiteit kent geen grenzen en is een hele kunst. Is het natuurvervuiling? Ongerepte natuur bestaat alleen nog in een uithoek van Zuid-Amerika.


En het openluchttheater in Engbergen is overdekt.

Meer berichten